108. Twee olifanten

Haar leven zou een film kunnen zijn: de eerste olifant uit Ceylon in Nederland. Haar komst veroorzaakt een ware sensatie. Zij is een cadeau voor stadhouder Frederik Hendrik, later wordt ze verkocht aan Cornelis van Groeneveld, een voormalig kapitein van de cavalerie. Door zijn ervaring met paarden is de stap om een olifant kunstjes te leren wellicht niet zo groot. Van Groeneveld noemt haar Hansken en neemt haar mee op een rondreis door Europa. Hansken trekt overal veel bekijks. Zelfs Rembrandt is geïntrigeerd en tekent Hansken meerdere malen.

Op deze prent van Herman Saftleven staat Hansken twee keer afgebeeld in een fantasielandschap. Het is goed mogelijk dat de kunstenaar haar in 1646 heeft gezien in zijn woonplaats Utrecht. Aan de olifant op de voorgrond kun je duidelijk zien dat er niet goed voor haar is gezorgd: haar poten en vooral nagels zijn vergroeid en haar buik is erg opgezet. Hansken heeft last van wat een ‘hooibuik’ wordt genoemd. Die ontstaat als een olifant te eenzijdig voedsel krijgt; in dit geval vooral hooi en stro.